We passeerden reeds meer dan eens in de ‘verste’ uithoeken van de wereld en deze mag zeker op het bovenste schap van het rariteitenkabinet. Zuid-Amerika is niet meteen het centrum van de wereld. Chili valt- zo vertellen de Chilenen zelfs met trots – bijna van de wereldkaart af. Patagonië is de uithoek van Chili die uit meer water dan land bestaat. Daarnaast is de Carretera Austral één van de langste niet geplaveide wegen doorheen één van de dunst bevolkte regio’s van onze aardbol. Als je van die route dan nog eens afwijkt op kleinere grindwegen, wordt het ongezien dunnetjes. Als dat landweggetje dan nog eens doodloopt in een dorpje aan de rand van een meer. Als dat dorpje dan nog eens een voormalige mijnsite blijkt die reeds tientallen jaren in verval raakte. Dan keert omme den tijd a j’alhier passeert… en kom je aan in ons verhaaltje van Puerto Sanchez.
Het plekje Puerto Sanchez waarover met geen woord gerept wordt in de kilo’s reisgidsen, die Melqui reeds rijk is. Het was een tip daarentegen van Kevin en Jenny die we op onze zwerftocht toevallig ontmoetten. Zo verloopt een tocht doorheen Patagonië voor doorwinterde ‘roamers’. We MOETEN de highlights van’s werelds mooiste natuurregio zien, maar als het net iets anders kan dan de letters van de gids te volgen door je mond open te doen, je oren spits te zetten en van het pad af te wijken, dan… Wel, WIJ hebben tijd ;)
Na wondere fjorden, idyllische thermen, een bezoek aan meerdere gletsjers en verscheidene Patagonische wandelingen, was het tijd voor het UNESCO wereldwonder van de Cuevas de Marmol, the Marble Caves of eenvoudigweg De Marmergrotten. Deze bevinden zich langs het vaste traject van de toeristen. Het is te zeggen, als je de grote marmerkathedraal met de hordes toeristen vanuit Puerto Tranquilo in volgepakte bootjes bezoekt.
Wij hadden daarentegen een afspraak met de visser Luis Alvarez, zoals door onze vrienden aangeraden, om langs de achterdeur op bezoek te gaan. Ook al was het reeds 19u wanneer we aan de andere kant van de baai aankwamen over een kronkelwegje, toch sprongen we bij aankomst meteen het bootje van de visser/gids in. Morgen zou het regenen en nu was de stand van de zon perfect.
Wat een keuze! De perfecte lichtinval om het wondere grotencomplex van meer dan 800 meter in al zijn glorie te bewonderen! Wij genoten twee volle uren van dit bezoek, piep even twee minuutjes mee.
Bij terugkeer beseffen we opnieuw dat we een wereld van tijd en alle tijd van de wereld hebben. Dit dorp ruikt naar mysterie en wat langer blijven. Aangezien we echter geen al te ruime planning opgesteld hadden, bijna al ons vers voer opgewerkt hadden (omdat we dicht bij de grens met Argentinië komen), kan het geen kwaad om wat voedsel in te slaan. Dus tijd voor een avondwandeling.
Door het dorpje dralend, praten we tegen het weinige dat beweegt en komen langzaamaan te weten dat vandaag, vrijdag de ‘leverdag’ zou moeten zijn van ALLE levensgoederen. Maar de twee dametjes, van de enige twee dorpswinkeltjes, lijken nog niet terug te zijn met hun goederen vanuit de grote stad (Coyhaique, 40.000 inwoners) honderden kilometers naar het noorden over het grind van de Carretera Austral. Geen eten dus, geen drank dus…
Op een van de hoeken van het ‘2 op 3’ dambordpatroon staat een dametje als enige het gras in de berm water te geven (een rariteit in Chili “Waarom zou iemand nu energie in de netheid van een publieke ruimte steken?”). Ze lijkt er op het eerste zicht toevallig te staan, maar niet veel later wordt ons duidelijk dat zij mogelijks de hoogste sociale kennis van het gehele dorp bezit en hoogstwaarschijnlijk voor deze strategische opstelling gekozen had wanneer ze ons een eerste keer hoorde langskomen.
Zo ontmoeten we Doña Emilia in de rode gloed van de avondzon. Wij vertellen haar dat we op zoek zijn naar wat verse groentjes om te koken. Zij straalt bij het idee dat twee ‘jongeren’ zelf koken, “die buren van haar kopen alles kant en klaar” en heeft wel wat groentjes staan. Wij willen enkele kopen “als dat haar niet ontgrieft”, maar zij wil daar niet van weten voor wat rucola en verse kruiden “die vanzelf in haar hof groeien”. Zij vertelt honderduit en leidt ons rond langs haar indrukwekkende groentetuin, serre en boomgaard vol kippen, rozen, appels, peren, bessen, kerselaars, hierba buena, tijm en duizenden anderen. Alles met natuurlijke bemesting, voegt ze eraan toe. Allemaal geduwd in ‘haar patio’ van 4 bij 10 meter.
Plots begint het bij ons te dagen. We reden dagen, weken, zelfs maanden door dit land en nergens zagen we een moestuin. Het lijkt alsof geen enkele Chileen, eender waar in dit langgerekte land, zijn eigen groentjes kweekt. Ze lijken allen naar de supermarkt of markt hollen. Maar, uitgesproken hier, in de regio waar de mens enkel schapen en geiten kweekt, landbouw volgens verschillende kwatongen te moeilijk zou zijn, bezit iemand plots de rijkste moestuin die we doorheen Chili zagen. We belandden bij een bijzondere vrouw…
Wij ventileren onze verwondering en zij straalt omwille van de erkenning die ze ontvangt. Voor haar buren is Emilia een beetje gek, want waarom zou je nu zoveel energie in verse producten steken in dit moeilijke klimaat als je eten in blik kan kopen.
We worden bij haar binnen uitgenodigd en warmen ons op aan het bijzondere kachelsysteem van zuidelijk Zuid-Amerika. Een houtkacheltje (van de familie van de Buzestove) waarmee men alles doet: koken op verschillende temperaturen naargelang de positie op de zware gietijzeren plaat, bakken in de oven, kookwas opzetten, het huis verwarmen én water opwarmen voor de keuken en douche in het reservoir rond de schoorsteen!
Na het korte bezoek van enkele buren vertelt ze ons bij een warme kop thee het bijzonder verhaal van haar jeugd. Het wordt ons duidelijk hoe haar verleden haar tot zo’n vreemde vogel in de bijt maakt.
Emilia groeide als kind op in deze, toen nog bloeiende, mijnstad Puerto Sanchez. De mijn van de stad ging doorheen zijn korte leven doorheen zowel privé-, als staatshanden. Haar vader werkte als een zelfstandige om het gat in een van de vele toelevering te dichten. Dit stadje bloeide in haar hoogdagen en trok gelukzoekers in alle sectoren aan. Op 13 jarige leeftijd echter verloor Emilia haar vader en ze leek gedoemd aan het einde van de wereld haar leven door te brengen, zoals de meeste van haar huidige buurvrouwen deden.
De handelspartner van haar man, een immigrant uit Syrië, toonde echter meteen zijn loyaliteit. In ruil voor wat hulp in huis mochten de twee oudste kinderen van het gezin in de grote stad bij hem inwonen en studeren wat ze maar konden. Iets wat haar weduwe moeder haar nooit had kunnen bieden. Haar moeder bleef achter met haar jongere broers en zussen. Ze studeerde snit en naad in Coyhaique en woonde vijf jaar in bij de ‘Arabier’, waar ze andere levensvormen, ambachten en kookkunsten leerde kennen. Vervolgens studeerde ze secretariaat in de grote stad Puerto Aysén waar ze los van alle waarden van het kleine dorp als onafhankelijke vrouw leefde. Ze trok uiteindelijk door Argentinië en leerde er meerdere ambachten, tuinieren en de kneepjes van de handel terwijl ze opnieuw in een andere cultuur ondergedompeld werd. In totaal woonde ze twaalf jaar buiten het dorpje Puerto Sanchez en ook al bleef ze binnen de straal van 2000km van haar thuishaven, toch keerde ze als vreemde terug. Zij had de wereld gezien en keerde met zoveel frisse ideeën terug wanneer ze voor haar zieke moeder kwam zorgen. Ze verliet haar dorp niet meer nadat haar moeder stierf, ze is hier graag, en met alle kennis die ze importeerde kon ze haar plekje opbouwen.
Vervolgens weet ze naadloos, als de beste (Arabische) verkoopster, haar opgedane kennis en kunde in haar verhaal te verwerken. Eén ervan was breien en in de lange wintermaanden maakt ze steeds kilo’s breiwerken die ze dan op lokale markten verkoopt. En… toevallig had ze er hier nog wel wat liggen. En… nog toevalliger zat er een modelletje bij dat Eline wel aanstaat.
Wij kochten meteen deze mooie muts en waren aan Emilia verkocht. Het was zo lang geleden dat iemand ons met een natuurlijke flair kon bekoren, we zouden alles van haar gekocht hebben. Een hand in hand gaan van menselijke warmte en verkoperstalent die we al maanden niet meer gezien hadden. We zijn er van overtuigd dat zij buiten stond met voorbedachten rade om ons binnen te lokken, maar dat maakt het net zo mooi. We vragen haar meteen of ze de volgende dag voor ons wil koken en na nog wat keuvelen keren we uiteindelijk terug naar Melquiades in wiens keukentje we een heerlijke pasta met gratis rucola en een dessertje met verse kersjes prepareren.
De volgende dag is het zo ver. We eten de beste empanadas van onze reis! Een krokant en goudgeel deeg dat tussen kruimel-, blader-, en empanadadeeg zweeft met een licht glazuureffectje. Binnenin een variant van de traditionele Chileens – Pino – vleesempanada. Het gehakt wordt vervangen door fijne stukjes vers geitenvlees. De ‘stoverijsaus’ wordt omgetoverd tot een donkere groentesaus met oosterse tinten. Het ei is van een superieur kwaliteit en uiteraard treffen we het obligatoire olijfje, waarvoor ze zich verontschuldigt dat het hier aan het eind van de wereld uit blik komt. Mocht Pablo Neruda ooit zo diep in de Zuidhoek gepasseerd zijn, schreef hij ongetwijfeld de Ode aan Emilia’s Empanades.
Een Ode kan ik, ook na het vele oefenen in mijn vorige post, lang niet op het niveau van Neruda tillen, dus ik hou het maar bij een Vlamsch gedichtje.
A je van z’n leven in de Zuidhoek passeert
Deur hopelijk niet al te veel regen en zuiderwinden
Draai dan gerust Emilia’s Gsm-nummer
En ze zal die lekkere empanadaatjes voor je maken
Maar ook hier kleeft aan de klei veel meer leed, dan de wondere omgeving laat uitschijnen. Bij een goeie maaltijd aan grootmoeders tafel naast de stralingswarmte van hout in de buzestove, komen de kleine wrevels omhoog. De buren met de te hoge muur, de winkeltjes met verdrievoudiging van prijzen hier aan het einde van de wereld, de beloftes van de buurtcommités, het schaamteloos misbruiken van werkloosheidsuitkeringen… én dat het vroeger zoveel beter was.
We zijn blij dat we bij haar thuis eten en niet de typische toeristen zijn, die haar kant en klare maaltijden meenemen. Zij is een sterke, goed opgevoede, vindingrijke dame die haar onsterfelijkheid voor de nieuwe passant hoog kan houden. Voor ons wordt ze de tweede dag, na haar heldenverhaal van gisteren, meer mens. Tuurlijk mag ze klagen, het is hier tenslotte niet allemaal zo perfect, zolang ze maar heerlijke empanades blijft maken!
Wat moet er van dit soort dorpen worden? De economische activiteit in Puerto Sanchez ligt reeds meer dan twintig jaar stil. Er leven drie vissers in het volledige dorp. De overige werkende mannelijke bevolking bestaat uit mijnwerkers die telkens een week ver van huis zijn naar een andere mijn. Vrouwen en werklozen zitten bijna de hele dag in huis. Bewoners worden hier gehouden door de Chileense regering door gratis duplohuizen (die over vijftien jaar zullen uiteenvallen) en een (overlevings-)uitkering. De kinderen zijn elke dag twee uur onderweg naar de dichtstbijzijnde school met de enige bus die het dorp met de buitenwereld verbindt (want de meeste mensen bezitten geen auto). En voeding is hier driemaal zo duur omdat de dichtstbijzijnde stad 12u rijden is.
Als klap op de vuurpijl daalt het water van het meer, door de aanleg van een dam voor een waterkrachtcentrale op één van de toevoer armen van het Carrerameer. Dit zal uiteraard gevolgen hebben op het waterleven in het meer. Daarnaast zou dit onze vrienden ook nog eens van hun enige inkomstenbron kunnen beroven. Wanneer het water lager komt te staan, zullen de marmergrotten niet verder natuurlijk vormkrijgen en zal het onmogelijk worden de grotten in te varen door hun ondiepe bodems.
Laat ons een bloem en wat gras dat nog groen is….
De hoogspanningsleidingen vanaf deze krachtcentrales (en vele andere) in Patagonië zullen overigens 1200km door het ongerepte landschap van Patagonië klieven tot in Puerto Montt. “Het begin van de beschaving”. Door de bewoners van de provincie Aysén ook wel de LIMIET VAN CHILI genoemd. Zij voelen zich geen deel van Chili. Chili heeft hen nodig om het land te bezetten, maar zij kunnen Chili missen als kiespijn.
Wij werden verliefd op het desolate van deze regio, het serene van Puerto Sanchez as where the poppies grow. Maar ook hier schuilt meer achter de stenen. Als ook hier de tentakels van de beschaving, duizenden kilometers van de dichtstbijzijnde stad, er in slagen zoveel vernieling aan te brengen…
Dan raden we jullie aan om snel de Empanadas van Emiliana te komen proeven.

