Saudade

Saudade, melancholie,

12/01/2015, 15u17, GMT-4 (of -5); 11°10.419N, 57°18.233W (zoals je kan zien op google maps een rustig gebied); op 2000 zeemijl (kleine 4000km) van Mindelo, Saõ Vicente, Kaap Verdië; 15 dagen navigeren, zonder het zien van land of enig teken van leven, waarvan 6 dagen met behoorlijk afwijkend en hitsig gedrag van moeder natuur.

Saudade, de melancholie naar Kaap Verdië,

Het gemis van land en het zien van enig ander leven dan enkele dolfijnen en vogels, de honger naar land en het ontmoeten van een gemeenschap…

Op een zwoele avond bij Alberto, de waard van Café Lisboa, in de veel bezongen Rue de Lisboa vragen we een muzikant wat het alomtegenwoordige motto Saudade inhoudt en deze vertelt ons dat het onmogelijk is deze gesammterlebness uit te leggen zolang we Kaap Verdië niet verlaten hebben, maar dat hij het op z’n acuraatst kan beschrijven als een warm gemis met een positieve wrong of bij benadering… melancholie. Misschien staan we na 2000 zeemijl al ver genoeg om het begrip wat onder de loep te nemen. Waggelend aan 10km per uur met 5000m water onder ons en met blanco blad op de schoot ga ik op onderzoek.

Saudade, een verwarrende blik op onze tweede eilandengroep in de Atlantische Oceaan,

Mindelo leeft! Ze bezorgde ons mooie avonden vol live muziek op terrasjes, in bars, in straten, op pleinen en in de haven. Ze stond als transporthub garant voor ontmoetingen met mooie mensen. Ontmoetingen met toeristen – uiteraard want dat blijft de toegankelijkste groep, op welke manier je ook reist – maar ook met locals. Kaap Verdiërs die ons meenemen naar hun dorp, bestaand uit een tiental woningen in groene valleien waar het water 30m uit de grond gepompt dient te worden om überhaupt een groene vallei te kunnen worden in dit woestijnachtig klimaat.

Het droge eiland is ‘an sich’ een onbewoonbare plek. Er is geen water en er hangt dag in dag uit een mist van Sahara-zand die op z’n best een zichtbaarheid van 10km (maar vaak slechts 2km) toelaat. De Kaap Verdische eilanden waren dan ook onbewoond tot de Portugezen de eilanden toevallig ontdekten in de 16de eeuw. Toevallig omdat dezelfde ‘Sahara-mist’ de eilanden bijna onvindbaar maakt.

En waar konden ‘onzichtbare’ eilanden beter toe dienen dan praktijken die men liever ver van de eigen beschaving hield, zoals slavenhandel? De eilanden waren ver genoeg ‘off-the-radar’ en werden door de verscheidene Europese grootmachten als ‘mensenveehandelplaatsen’ gebruikt. De eilandbewoners zijn bijgevolg Afrikanen met allerlei inmengingen van kleuren.

Een recent onderzoek bracht wat meer specificiteiten van deze kleurenmishmash aan het daglicht die we ook jullie niet wensen te onthouden: het grootste aandeel van mannelijk DNA in Kaap Verdië is afkomstig uit de westerse landen en het grootste aandeel aan vrouwelijke genen heeft een Afrikaanse oorsprong. Wat betekent dat? Daar hoef ik toch geen tekeningetje bij te maken? En door de economische problemen van het land en een aanhoudende ‘vraag en aanbod’ blijft deze gen-verdeling duidelijk aanwezig. Ik hoef me maar twee minuten alleen op straat te begeven na 22u en er wordt al één of andere ‘chopchop?/quick shag?’-vraag gesteld (Ja, deze blog wordt door Tim geschreven…). Er lijkt ook geen taboe te hangen over deze vorm van inkomsten. De waard van Café Lisboa bijvoorbeeld, laat deze jonge vrouwen in zijn etablissementje toe zonder probleem een glas drinken.

De eilandengroep heeft geen exportproducten. De externe input komt er door de financiële steun van familieleden in het buitenland en ontwikkelingshulp van Europa (die volgens de nodige geruchten niet altijd/niet al te vaak op z’n plaats terechtkomt). Daarnaast zijn er kleinere inkomsten via toerisme en visvangst. Hoewel die visvangst mogen ze binnenkort op hun buik schrijven nu de Chinezen de wateren komen leegvissen en de zeebodem kapottrekken met hun sleepnetten, die door internationale wetten verboden zijn. (http://www.seashepherd.be/).

Het blijft ook vandaag, ondanks de technieken van het ontzouten van zeewater, ondanks externe investeringen en ondanks een grote import van overzeese goederen, een onbewoonbaar en ook wel een onbereikbaar eiland. De (toeristische) status van de eilanden wordt bovendien niet bevorderd als de wereld doorgaat met het vervuilen van de oceanen. We konden met onze eigen ogen vaststellen dat op een ongerept stuk strand aan de oostelijke zijde van het eiland Sao Vicente kilometers lang tònnen plastiek aangespoeld zijn.

Saudade, de warme melancholie in de stem van Cesaria Evora,

Een vrouw die één is met haar stad en met haar muziek. Een vrouw wiens stem gevormd is door het inademen van de warme zanderige lucht van de Sahara. Ze heeft nooit háár Mindelo willen verlaten om het succes na te jagen bij grote buitenlandse producers. Iemand die steeds voor haar stad heeft willen zorgen en blijkbaar haar deur nooit sloot voor haar stadsgenoten. (Haar deur stond nog steeds letterlijk open en haar zoon zat voor de deur.) Een zorgzaamheid die we op meerdere plaatsen in deze arme stad dagelijks terugvinden.

Mindelo is een stad waar armoede op de straat meteen zichtbaar is. Kinderen lopen er blootsvoets rond en willen je eender wat helpen dragen om nadien een stuiver te verdienen. Maar ook al zijn deze jongeren straatkinderen en is hun toekomst door het ontbreken van een thuis en een volwaardige opvoeding uitermate onzeker, toch zijn ze niet alleen. Er heerst een ongelooflijke solidariteit tussen de bewoners, tussen de mensen die het al niet-overlopend-breed hebben. Zo zien we bijvoorbeeld kinderen gratis eten krijgen aan de kiosk nadat wij ons soepje betaald hebben of vernemen we dat ze steeds water krijgen van hun stadsgenoten.

Saudade, de melancholie naar een niet-verminkte-stad,

Een stad met een inerte schoonheid en eigenheid. Een complexe mengeling tussen een koloniaal grid met neoklassieke publieke gebouwen, orthogonale ‘cardo-decumanus-hoofdstraten’ en een eigenwijs gebruik van de kronkelende steegjes en pleinen – die met een duidelijk beleid en een minimum aan opknappingswerk een pareltje in de Oceaan zou kunnen zijn.

Het is te begrijpen dat een jonge democratie grotere zorgen heeft dan het opknappen van de stad. In de eerste plaats dient er iets gedaan te worden aan de jonge demografische ‘boom’ en het tekort aan volwaardig onderwijs, maar toch doet het bij deze jonge architecten pijn om te zien hoe enkele fatale mutaties duidelijk om financieel opportune redenen toegestaan werden. Opportuun voor de staatskas of voor de eigen portemonnee, dat laten we nog in het midden.

Zo werd ooit een centraal plein aan de waterkant ontworpen bij het uitzetten van het stadsgrid. Een plein op één as met het gemeentehuis en het mooiste zicht op de baai. Een plein dat aan drie zijden omsloten was door drieverdiepinghoge gebouwen en aan één zijde door azuurblauwe wateren, witte stranden en idyllische sloepjes in het water. Voor dit plein werd een ‘flashy’ shoppingcomplex neergepoot in het water met daarin een decadent zwembad dat onbetaalbaar is voor de lokale bevolking (waar ‘blingbling-kijk-dit-is-modern-smaak’ primeert). We vernemen tot onze spijt dat een van de uitbaters van het splinternieuwe luxecomplex Belgen zijn. Het zicht dat democratisch gezien aan de stad en haar bewoners toebehoort, werd hierbij afgenomen. De potentieel mooiste plek van de stad werd gestolen van de armen en gegeven aan de rijken, de Europese toeristen en de expats.

Daarnaast is er de Marina, de jachthaven uitgebaat door een Duitser die er de voorzieningen van een doorreishaven met Europese standaarden voorzien heeft. Een project dat welkom is voor de ‘transat-vaarders’ op doortocht, voor de stad als extra inkomstenbron en uiteraard ook voor de investeerder die zijn kapitaal dagelijks ziet aandikken. Maar dit project is vanuit de stad gezien één groot misbaksel. Ze blokkeert opnieuw het zicht op de baai vanuit de hoofdstraat. Doordat er geen ‘buffer’ met het hart van de stad gecreëerd wordt, herinnert de haven op elk uur van de dag de tegenstellingen tussen ‘wij’ en ‘zij’, tussen rijk en arm. Dit blijkt uit de dagelijkse gelukszoekers aan de inkom van de haven die door een kleine helft van de booteigenaars straal genegeerd worden. Die frictie mag er zijn, want is onvermijdelijk als er ‘dikke jachten’ liggen, maar mag niet op zo’n vulgaire manier in het gezicht van de stad gebeuren. De stad mag niet zo hard en cynisch in het hart geraakt worden.

Zo zijn er onnoemelijk veel voorbeelden in de stad. En begrijp me niet verkeerd, buitenlandse investeringen zijn niet slecht, maar als het om ingrepen in de stad gaat, zou een doordachte visie als tegengewicht voor ontwikkelaars zeker geen kwaad kunnen. Maar opnieuw, dit is niet eenvoudig in een staat waar de armen met €150 per gezin per maand moeten rondkomen en de rijke expats en locals met BMW’s, Porsches en Hummers rondcruisen, waar de chinezen illegale visrechten afkopen en de voormalige gouverneur onder het mom van een kippenboerderij met Europees geld zijn eigen villa op de top van de berg liet bouwen.

Maar ondanks dit alles lijkt deze stad eenzelfde veerkracht als zijn bewoners te hebben en zit de schoonheid in de kleine projectjes zoals een geschilderde gevel, een kerstboom met kadootjes voor de straatkinderen, een kerstmarktje en kleine kantines.

Saudade, de verlammende werking van het leven in de geschiedenis,

‘Wie steeds achterom kijkt, blijft stilstaan’, ‘Engel der Geschichte’. Het is mooi weg te dromen naar grootse tijden. Wij doen zelf niets liever dan Cesaria Evora voor de vijftiende keer op één dag te bewonderen.

Maar wacht even… Voor de vijftiende keer op een dag en dat reeds voor tien dagen? Haar stem doorheen de speakers  van de bus, de bank, de bar, de markt… of de stem van een van de vele live-muzikanten die haar liederen in oneindig herneemt. Ze is alomtegenwoordig ook al is ze reeds enkele jaren overleden. Ze leeft nog dagelijks in Mindelo, was er een ‘Messias’ en is er nu een ‘godin’. Een godin die een springplank naar de wereld betekent voor de vele jonge artiesten. De bars waar ze ooit kwam, pronken met hààr; muzikanten dwepen met hààr; de markt waar ze heenging, draagt hààr naam. Maar – op de één of andere manier – zorgt net dit ervoor dat er schijnbaar niet zoveel meer verandert. Het lijkt tijd voor een nieuw heldenverhaal in Mindelo.

Saudade, de melancholie naar de (her)nieuw(d)e ontmoetingen,

Al deze bedenkingen behandelen ‘Saudade’, maar wat dat voor ons specifiek betekent is: het gemis naar wat we er beleefd hebben en wie we ontmoet hebben en niet meteen terug zullen zien; een positief terugkijken – niet echt een gemis zoals bij het verlaten van je geliefden – het terugblikken met de mondhoekjes licht omhoog gekruld en een mijmerende blik op oneindig.

We ontmoetten er een jong koppel Bretoenen op de Gaia, Clémentine en Quentin, die er als uitgestelde huwelijksreis even een jaartje op uittrekken met hun sportieve zeilboot. We spenderen vele mooie avonden samen, liggen een weekje voor anker naast elkaar en vieren samen op hun boot met vele Bretoenen een tweede kerstmis. Tegelijkertijd is het een afscheid met gitaar, zang en enkele liters rum die de hele haven wakker hielden (http://magicmeridian.wordpress.com). We zien er oude bekenden terug met wie we in Tanger samen aangemeerd lagen, de Liber. We nemen er afscheid van de Geamundia, Ludo, Laurence en hun twee kinderen (http://gaimundia.over-blog.com), met wie we een maand samen voeren.

We zwaaiden er dagelijks avontuurlijke zielen uit die de grote overtocht afblazen. Het zijn allemaal vrolijke lieden waaronder enkele opmerkelijke jonge kerels die de tocht rond de wereld aangaan op enkel en alleen hernieuwbare energie (ja, er wordt nog af en toe eens een motor aangestoken in de zeilwereld, http://www.ecosailingproject.com/en) en een jonge Litouwse vader met zijn dochter en een vriendin (Saulius, Kotryna en Ugne, we-ondertheappletree) die eveneens een energie-arm verhaal aangaan. Het opmerkelijke verschil tussen deze twee laatste ontmoetingen is hoeveel hoogtechnologie en bewustmakingmarketing er rond het energieproject van de vijf fransen hangt en hoe daar tegenovergesteld de man uit Litouwen gewoon een houten sloepje van 11m zonder zonnepanelen, windturbine of motor bezit en dit de normaalste zaak van de wereld vindt.

De ontmoetingen met personen die bijna je buren in België zouden kunnen zijn, maar die je op deze plek ontmoeten moet, zoals Patrick en Leentje (http://patrickleentje.com).

De ontmoeting met de vele opstappers die er een laatste boot voor hún grote overtocht vinden. Waaronder Cécile (www.incamazonie.wordpress.com), Doris en Haus (www.riocaja.ch), Mathieu, Damien en Pauline, …

De ontmoetingen die we ons herinneren uit het begin van onze reis zoals Sergine en Bruno en hun boot Erimus Una met wie we eventueel hadden kunnen meevaren het eerste stuk. Elizabeth van de boot Saltypaws die ons een inleiding in bootveiligheid gaf. Tony en Audrey die ons hartelijk ontvingen en ons vurig vertelden over hun vier jaar leven op een houten boot (www.aleapoffaith.org.uk).

De ontmoetingen met personen die het toerisme op het naburige eiland Saõ Antaõ (een eiland vol natuurlijke pracht) helpen vorm geven in samenwerking met de bewonners. Een fransman met een B&B die hij samen met lokale bevolking uitbaat (Casa Espongeiro), een Duitse dame met een creoolse man die rondleidingen verzorgt (www.viptours-caboverde.de) en een Belgisch koppel die een hotel aan het ombouwen is dat op een mooie locatie ligt van waaruit het bijzonder groene eiland van Saõ Antaõ makkelijk te verkennen is (www.caboverdedreamtravel.com).

De ontmoeting met Santa Luzia, een echt onbewoond eiland.

De ontmoeting met…

De ontmoeting met een eiland dat we nooit gedacht hadden te bezoeken en die in ons geheugen gegrift blijft staan. Melancholie in het midden van de Atlantische Oceaan… Buon dia Mindelo!

3 gedachtes over “Saudade

  1. Sam 29/01/2015 / 18:34

    Hoi reizigers!

    Wat’n mooi geschreven verhaal… Ben je hier stiekem aan het werken aan een roman? Goed bezig…

    Je zit ongetwijfeld te wachten op meer nieuws vanuit België?

    Deze keer heb ik triestig nieuws en moet ik helaas melden dat de Pelargonium citrosum een wat mindere tijd doormaakt. Is het omdat er enkele weken vreemden haar verzorgd hebben, de winter of omdat ze jullie ondertussen heel hard mist? Ik weet het niet… Maar de blaadjes zijn triestig geel en er zit geen fut meer in.

    Ze is nu verhuist naar een warmer plekje en krijgt de beste zorgen en ik hoop in mijn volgende update te kunnen melden dat alles weer helemaal ok is…

    Eeeen dat was het zowat!

    Tot jullie volgende post en veel plezier nog daar

    • timvanhooren 06/02/2015 / 23:21

      NEEEEN!!!!! Toch niet de ficus die we gedurende twee jaar met zoveel liefde verzorgd hebben?…!!! Zon, een beetje voedsel (van het vetzakje), niet te veel water, een bodempje Turbo 10 en LIEFDE LIEFDE LIEFDE! Veel plezier op ‘niet voor mietjes 2!)

  2. Martin 18/02/2015 / 03:39

    Er zit inderdaad een verhaal in!

Geef een reactie